In de bovenregionale stresstest onderzoeken we samen met de 3 Gelderse waterschappen wat er gebeurt bij extreme regenval in een groot gebied. De risico's voor Gelderland zijn ook in kaart gebracht.
Bovenregionale stresstesten: wat gebeurt er in Gelderland bij extreme regenval?
In gesprek over risico's
De waterbeelden helpen ons om risico's te herkennen, zoals overstromingen, uitval van belangrijke voorzieningen zoals drinkwater of ziekenhuizen en wat de gevolgen daarvan zijn voor inwoners. Aan de hand van de waterbeelden en de verwachte risico’s die hieruit komenvan Gelderland gaan we de komende periode in gesprek in de vorm van risicodialogen. Daarin bespreken we per regio met onder andere gemeenten, waterschappen, veiligheidsregio’s, en Rijkswaterstaat en nutsbedrijven (elektriciteit, gas, drinkwater, internet en telefonie), welke risico's er zijn, hoe groot deze zijn en in welke mate deze risico’s (on)acceptabel zijn en hoe we die kunnen aanpakken om ons beter te kunnen voorbereiden op dit soort extreme weerssituaties. Ook vanuit een goede samenwerking in crisissituaties. Voor het beheergebied van waterschap Rijn & IJssel worden op dit moment risicodialogen gevoerd, voor Vallei & Veluwe en Rivierenland starten we later dit jaar met de risicodialogen.
Bovenregionale stresstesten en DPRA
In 2026 voeren de DPRA-regio’s de 2e ronde DPRA stresstesten uit. Deze stresstesten kijken vooral naar het effect van zomerse piekbuien op stedelijk gebied. De ‘Limburgbui’ waarmee we in de bovenregionale stresstesten rekenen, is heel anders van aard. Het gaat hier om langdurige neerslag (48 uur) over een groot gebied (50 bij 50 kilometer). Uit de DPRA stresstesten komen vooral knelpunten naar voren als gevolg van piekafvoer (veel water in een kleine tijd), terwijl bij de Limburgbui vooral de watersystemen zelf voor knelpunten zorgen. De Limburgbui heeft ook een andere herhalingstijd dan de neerslagvormen uit de DPRA-stresstesten.
